INTERDEPENDENT THOUGHTS |
||
|
Links: Interdependent Thoughts (KM weblog) Interdependent.biz (i.o.) Elmine's Onderzoekingen Ton's Notities @Ryze
Archives
August 2007 July 2007 May 2007 April 2007 March 2007 February 2007 January 2007 December 2006 November 2006 October 2006 September 2006 August 2006 July 2006 June 2006 May 2006 April 2006 March 2006 February 2006 December 2005 November 2005 October 2005 September 2005 August 2005 July 2005 June 2005 May 2005 April 2005 March 2005 February 2005 January 2005 December 2004 November 2004 October 2004 August 2004 July 2004 May 2004 April 2004 March 2004 February 2004 January 2004 December 2003 November 2003 October 2003 September 2003 August 2003 July 2003 June 2003 |
Debat Kenniseconomie en InnovatieOp 27 februari vindt een debat plaats over de kenniseconomie en innovatie. Gerard Schouw, Eerste-kamerlid voor D66, heeft zijn bijdrage aan het debat alvast gepubliceerd. Recent al liet Boris Dittrich weten niet onder de indruk te zijn van de activiteiten van het Innovatieplatform, dat afgelopen september van start ging, tot nu toe. Geen visie, maar een club waar 'gepoldert' wordt. Het betoog van Schouw werkt dat wat gedetailleerder uit: Directe kritiek aan het adres van het Innovatie Platform: Merendeels terechte kritiek dunkt me. Paul Iske verwoordde het eerder al in de Volkskrant niet praten, maar doen!. Toch laat ook deze inbreng weer merkwaardige gaten vallen. Hoewel in de kantlijn nog wel wordt gezegd dat er aandacht dient te zijn voor andere terreinen waarin we goed zijn, zoals op het gebied van kleine talen en sterrenkunde, kijkt Schouw vrijwel uitsluitend naar technologische vernieuwing en exacte wetenschappen. Bovendien schuift hij de schuld volledig in de schoenen van de universiteiten. De vraag welke typen organisaties nu het geschiktst zijn om innovatie te kunnen voortbrengen, en welke typen organisaties het beste in staat zijn om de brug tussen universiteiten en bedrijven te slaan, en welke typen organisaties het beste extern gegenereerde kennis kunnen toepassen in hun producten, wordt wederom niet gesteld. Dat terwijl het stuk wel hints bevat die het antwoord vinden op deze vraag noodzakelijk maakt. Het zou wellicht helpen indien de kamerleden die zich mengen in het debat over innovatie het boek The Innovators Dilemma van Christensen eens lazen, of op zijn minst de samenvatting. Daarin vinden we de nodige aanwijzingen wat voor organisaties er passen bij de verschillende verschijningsvormen van innovatie. (Incrementele versus Radicale, en vooral Voorthelpende versus Disruptieve). De belangen die nu in het spel zijn van universiteiten en grote werkgevers (die onder de vlag van VNO-NCW hun eigen deltaplan voor de Kenniseconomie aan het schrijven zijn) zorgen er waarschijnlijk voor dat juist disruptieve innovatie niet aan bod zal komen. Dat schaadt immers de gevestigde instituten, die juist op basis van hun huidige succes het minst geschikt zijn om succesvol disruptief te innoveren. Veel ruimere aandacht voor de rol en attitude van het MKB, en micro- en netwerk-ondernemingen zou dat kunnen doorbreken. Maar dergelijke spelers zijn niet goed identificeerbaar en zitten dus uit de aard der zaak nergens aan tafel. Permalink | TrackBackComments
Post a comment
|
Powered by
|