Debat Kenniseconomie en Innovatie
Op 27 februari vindt een debat plaats over de kenniseconomie en innovatie. Gerard Schouw, Eerste-kamerlid voor D66, heeft zijn bijdrage aan het debat alvast gepubliceerd.
Recent al liet Boris Dittrich weten niet onder de indruk te zijn van de activiteiten van het Innovatieplatform, dat afgelopen september van start ging, tot nu toe. Geen visie, maar een club waar 'gepoldert' wordt.
Het betoog van Schouw werkt dat wat gedetailleerder uit:
Directe kritiek aan het adres van het Innovatie Platform:
Merendeels terechte kritiek dunkt me. Paul Iske verwoordde het eerder al in de Volkskrant niet praten, maar doen!.
Toch laat ook deze inbreng weer merkwaardige gaten vallen. Hoewel in de kantlijn nog wel wordt gezegd dat er aandacht dient te zijn voor andere terreinen waarin we goed zijn, zoals op het gebied van kleine talen en sterrenkunde, kijkt Schouw vrijwel uitsluitend naar technologische vernieuwing en exacte wetenschappen. Bovendien schuift hij de schuld volledig in de schoenen van de universiteiten. De vraag welke typen organisaties nu het geschiktst zijn om innovatie te kunnen voortbrengen, en welke typen organisaties het beste in staat zijn om de brug tussen universiteiten en bedrijven te slaan, en welke typen organisaties het beste extern gegenereerde kennis kunnen toepassen in hun producten, wordt wederom niet gesteld.
Dat terwijl het stuk wel hints bevat die het antwoord vinden op deze vraag noodzakelijk maakt.
Het zou wellicht helpen indien de kamerleden die zich mengen in het debat over innovatie het boek The Innovators Dilemma van Christensen eens lazen, of op zijn minst de samenvatting. Daarin vinden we de nodige aanwijzingen wat voor organisaties er passen bij de verschillende verschijningsvormen van innovatie. (Incrementele versus Radicale, en vooral Voorthelpende versus Disruptieve).
De belangen die nu in het spel zijn van universiteiten en grote werkgevers (die onder de vlag van VNO-NCW hun eigen deltaplan voor de Kenniseconomie aan het schrijven zijn) zorgen er waarschijnlijk voor dat juist disruptieve innovatie niet aan bod zal komen. Dat schaadt immers de gevestigde instituten, die juist op basis van hun huidige succes het minst geschikt zijn om succesvol disruptief te innoveren. Veel ruimere aandacht voor de rol en attitude van het MKB, en micro- en netwerk-ondernemingen zou dat kunnen doorbreken. Maar dergelijke spelers zijn niet goed identificeerbaar en zitten dus uit de aard der zaak nergens aan tafel.
Permalink
Dit is het weblog van 
Post a comment